Cadeaus ontvangen, ruilen, weggeven en houden. Door te dobbelen en de 107 tijdloze opdrachtkaarten speel je een spel om cadeaus die telkens van eigenaar zullen wisselen. Je bepaalt zelf hoe lang het spel duurt. Zodra de speeltijd voorbij is zijn de cadeaus, die je op dat moment hebt, van jou!
Minimaal 3 cadeaus per deelnemer, 1 set opdrachtkaarten, 1 doorgeefzakje, 1 dobbelsteen.
Spreek van te voren met elkaar af hoeveel cadeaus iedereen mee moet nemen plus het bedrag wat maximaal besteed mag worden. Voorbeeld: Koop voor maximaal 5 euro 3-5 cadeaus.
Alle cadeaus moeten ingepakt zijn!
Leg alle ingepakte cadeaus bij elkaar en laat de dobbelsteen rondgaan. Elke speler mag bij het gooien van een 1 of 6 een cadeau uitzoeken en direct uitpakken. Ga door tot alle cadeaus uitgepakt zijn.
Let op: Iedereen moet de 1e ronde met minimaal 1 cadeau eindigen. Heb je geen 1 of 6 gegooid? Dan is het laatste cadeau voor jou.
Neem alle ABC-kaarten, die géén betrekking hebben op de voornamen van de spelers, uit het spel.
Speel je het spel bijvoorbeeld met Frans, Dian, Jac en Yvon? Laat dan alléén de ABC-kaarten F D J Y in het spel. De rest van de ABC-kaarten doen voor nu (dit gezelschap) niet mee.
Schud de kaarten goed voor gebruik.
Stel een wekker in en zet deze niet zichtbaar weg. Je mag zelf bepalen hoe lang het spel duurt. Des te langer, des te leuker. Ook kun je deze laatste ronde in etappes gaan spelen, bijvoorbeeld 30 minuten spelen, 30 minuten pauze, 30 minuten spelen.
Stop de kaarten in het doorgeefzakje en laat deze samen met de dobbelsteen rond gaan. Bij het gooien van een 1 of 6 mag je een kaart pakken en de opdracht uitvoeren. Pak een nieuwe kaart als de opdracht niet van toepassing is.
Leg alle kaarten die geweest zijn apart (dus niet terug stoppen in het doorgeefzakje)!
In de voorgaand omschreven spelregels staat hoe je het spel speelt, maar: